Rasstandaard

Classificatie F.C.I

FCI-Standaard Nr.: 158/03.06.1998.
Land van oorsprong: Groot-Brittannië.
Gebruik: oogjager

groep 10, Windhonden
Sectie 3, Kortharige windhond
Zonder werkproef

Algemene Verschijning
Sterk gebouwd, fier, van flinke afmetingen, spierkracht en symmetrisch van vorm, met lang hoofd en hals, welgevormde goed geplaatste schouders, diepe borstkas, ruim lichaam, gewelfde lendenen, krachtige voor– en achterhand, stevige goed gevormde benen en voeten en soepele ledematen, die in sterke mate zijn kenmerkend type en kwaliteit. benadrukken.

Gedrag / Temperament
Bezit opmerkelijke kracht en uithoudingsvermogen. Intelligent, vriendelijk, aanhankelijk en evenwichtig karakter.

Hoofd

Lang, matig breed.

Schedelgedeelte
Schedel: Vlak
Stop: Licht

Aangezichtsgedeelte
Snuit: Kaken krachtig en goed besneden.
Kaken / Tanden: kaken sterk, met goed perfect, regelmatig en compleet schaargebit, d.w.z. de bovensnijtanden sluiten nauw over de ondersnijtanden en zijn rechtstandig in de kaken geplaatst.
Ogen: Helder, intelligent, ovaal en schuin geplaatst. Bij voorkeur donker.
Oren: Klein, roosvormig [rozenoor], fijn van structuur.
Hals: Lang en gespierd, sierlijk gebogen, goed overgaand in de schouders.

Lichaam

Rug: Tamelijk lang, breed en recht.
Lendenen: Krachtig, licht gewelfd.
Borstkas: Diep en ruim, zodat er voldoende plaats voor het hart is. Ribben diep, goed naar achteren doorlopend, goed ontspringend.
Flanken: Goed opgetrokken.

Staart

Lang, tamelijk laag aangezet, sterk bij de aanzet, dun uitlopend naar de punt, laag gedragen, licht gebogen.

Ledematen

Voorhand
Voorbenen lang en recht, bot van goede stevigheid en kwaliteit. Ellebogen, middenvoet en tenen noch naar binnen noch naar buiten draaiend.
Schouders: Schuin, goed naar achteren geplaatst, gespierd zonder beladen te zijn, de toppen dicht bij elkaar en scherp afgetekend.
Ellebogen: Vrij en goed onder de schouders geplaatst.
Middenvoeten: Matig lang, iets schuin naar voren gesteld.

Achterhand
Lichaam en achterhand zijn van ruime afmetingen en goed met elkaar verbonden, teneinde in stand voldoende grond te kunnen beslaan.
Dijen / tweede dijen: Breed en gespierd, grote voortstuwende kracht tonend.
Knieën: Goed gehoekt.
Hakken: Goed laag geplaatst, noch naar binnen noch naar buiten draaiend.
Voeten: Matig lang, met compacte, goed gebogen tenen en sterke voetzolen.

Gangwerk / Beweging

Recht, laag uitgrijpend, vrij grote stappen nemend, die hem in staat stellen veel grond te beslaan bij grote snelheid.
Achterbenen komen goed onder het lichaam, aldus grote stuwkracht gevend.

Vacht

Fijn en dicht.
Kleur: Zwart, wit, rood, blauw, reekleurig, vaalrood, gestroomd of elk van deze kleuren gebroken met wit.

Maat

Ideale hoogte:
Reuen 71 - 76 cm (28 - 30 inches)
Teven 68 - 71 cm (27- 28 inches)

Fouten

Elke afwijking van de voorgaande punten moet als een fout worden aangemerkt, en de beoordeling van de ernst van de fout moet in exacte verhouding staan tot de mate daarvan, en het effect op de gezondheid en welzijn van de hond.

N.B.: Mannelijke dieren moeten twee, duidelijk normale testikels hebben, die volledig in het scrotum zijn ingedaald.

Originele bron

Contact | Disclaimer | A-Z | Login